HB-boekenclub verslag: Wij Zijn Ons Brein met Prof. dr. Dick Swaab

Achtergrond

HB-boekenclub verslag: Wij Zijn Ons Brein met Prof. dr. Dick Swaab

25 aug 2022

Begin maart dit jaar is de HB boekenclub van start gegaan, waarin professionals die werken met hoogbegaafden samen boeken lezen en bespreken. De auteur van het boek sluit daarbij ook aan. De eerste bijeenkomst ging over de boeken ‘Wij zijn ons Brein’ en ‘Jij bent je Brein’ van Prof. dr. Dick Swaab. In ‘Wij zijn ons Brein’ volgt Swaab de mens, vooral de hersenen, van conceptie tot dood. Dit boek gaat in op waarom je bent wie je bent en wat je brein daarmee te maken heeft.

Het begin van het leven

Het begint allemaal in de buik van de moeder: de hersenontwikkeling. Een enorme spurt van aanmaak van hersencellen tot ongeveer het vijfde levensjaar, dan is het brein nog niet rijp natuurlijk. Alle cellen in het brein ontwikkelen zich vervolgens. Ze maken steeds meer contacten met andere cellen; een heel netwerk! Alles wat je leert, wordt opgeslagen in de celcontacten. Daarom is alles aan het begin lastig, maar na een tijdje zal het veel automatischer gaan voelen: je hebt nieuwe celcontacten aangemaakt. Uiteindelijk heb je een netwerk van ongeveer 100 miljard hersencellen; ongeveer 20x de wereldpopulatie.

Hoogbegaafd, intelligent, hoe zit het precies? 

Hoogbegaafdheid hangt samen met intelligentie. Swaab heeft in zijn lezing gebruik gemaakt van de volgende definitie, afkomstig van Wechsler:

Intelligentie is het vermogen doelgericht te handelen, rationeel te denken en effectief met de omgeving om te gaan.

Daarbij vindt Swaab het belangrijk dat je ook leert van je ervaringen.

Intelligentie: Genetisch of de omgeving?

Zoals wellicht bekend, wordt het IQ voor een belangrijk deel (50-80%) genetisch bepaald. Daarbij is de bouw ook van belang voor de functie van het brein. Verschillen in bouw komen door het maken van contacten in de hersenen. Dit proces wordt neuronaal darwinisme genoemd: contacten die op het juiste moment ontstaan, blijven bestaan. Contacten die te vroeg of te laat ontstaan, verdwijnen. De hersenontwikkeling is een continue productie van contacten en cellen, waarna contacten die niet optimaal functioneren gesnoeid worden. Bij zeer hoog intelligente kinderen is er sprake van een tragere, maar langer doorgaande breinontwikkeling. Door deze wisselende hersenontwikkeling is elk persoon uniek, zelfs als je hetzelfde DNA hebt. Hierdoor kunnen hersengebieden verschillen in grootte per persoon, als een gebied groter is dan gaat dit ten koste van een ander gebied. Dit maakt dat je bepaalde mogelijkheden en beperkingen hebt. Wat er ook toe leidt dat sommige mensen boffen en een talent hebben.

Je krijgt niet alleen een talent op basis van hoe je hersenen zich ontwikkelen, je moet natuurlijk ook oefenen. Hierbij is het belangrijk dat een kind opgroeit in een veilige, warme en stimulerende omgeving. Dit draagt namelijk bij aan het verbeteren van het brein. Stimulatie is afhankelijk van het stadium waar het kind in zit: wat en hoe je moet stimuleren. Deze stimulatie moet doorgaan tot het einde om ons brein in tact te houden. Er moeten eisen gesteld worden aan onze machine daarboven, zo wordt hij namelijk intact gehouden. Als je het brein zoveel gestimuleerd hebt op jonge leeftijd om reserves op te bouwen en optimaal in ontwikkeling te brengen, moet je vervolgens zorgen dat je de machine intact houdt door hem bezig te houden op latere leeftijd.

Het Wilson effect

Bovendien is het belangrijk om bescheiden te zijn met de invloed die de omgeving heeft op de hersenontwikkeling. Swaab denkt dat het belangrijk is dat je (hoogbegaafde) kinderen leert omgaan met datgene waar ze goed in zijn en dat uit te buiten, zodat zij en de mensen om hen heen er het meeste aan hebben. Kijk vooral naar waar kinderen plezier in hebben en waar ze zich verder in kunnen ontwikkelen, omdat ze daar goed in zijn. Aan het begin van een kinds leven lijkt het erop alsof de omgeving heel belangrijk is voor het IQ, maar naarmate het kind ouder wordt neemt de erfelijkheid het over, dit wordt het Wilson effect genoemd. Dit betekent dat er langzamerhand in de ontwikkeling programma’s in de hersenen gaan werken, die belangrijk zijn voor de ontwikkeling van het IQ en als die eenmaal ontwikkelt zijn wordt het IQ stabiel. Het is belangrijk om ons te realiseren dat er op vroege leeftijd fluctuaties zijn in het IQ, bij sommige mensen komt het IQ sneller tot ontwikkeling dan bij anderen.

Het blijkt dus dat de omgeving niet een dusdanige rol speelt dat er hele grote verschillen in het IQ gaan zitten. Er is ongeveer een marge van -10 tot + 10 IQ-punten van het gemeten IQ wat kan verschillen door het Wilson effect. In feite als de omgeving goed is kun je de erfelijkheid totaal benutten en dan is het omgevingseffect heel gering op het IQ. Echter, wanneer de omgeving slecht is, speelt het een belangrijke rol. Dus wanneer kinderen in een onveilige omgeving opgroeien, dan kan dit een grote invloed hebben op het IQ van het kind.

Een hoogbegaafd brein

Als we kijken naar de groep hoogbegaafden dan valt vaak op dat dit genetisch bepaald is, waarbij de hersengrootte maar voor een klein deel van belang is. Het gaat er niet per se alleen om of je meer hersencellen hebt of dat je hersenschors een bepaalde dikte heeft, maar het is per hersencel een bepaalde eigenschap, waarvan prikkelgeleiding een voorbeeld is. Bij hoogbegaafden gaat de prikkelgeleiding vaak sneller, waardoor ze meer informatie kunnen verwerken dan anderen. Daarnaast hebben mensen met een hoger IQ een lager hersenmetabolisme, wat wil zeggen dat ze efficiënter werken met het brein dan mensen met een lager IQ.

Talent benutten

Intelligentie geeft je voordelen, namelijk hoe hoger je intelligentie, hoe meer opleiding je kan volgen en hoe meer je verdient later en hoe langer je leeft. Maar dit gaat maar op tot een IQ van 120, daar boven heb je eigenlijk geen baat meer als je naar deze maten kijkt van hogere intelligentie. Daarnaast zijn kinderen met een bijzondere gave een enorm voordeel voor de hele maatschappij, mits deze kinderen zich goed kunnen ontwikkelen en functioneren om iets bijzonders te presteren. De rol van de maatschappij hierin is om een goede ontwikkeling van talent aan te bieden, wat vaak gebeurt in speciale scholen. Een talent kan namelijk alleen optimaal tot ontwikkeling komen als het kind op de juiste wijze door kundige en gemotiveerde leraren wordt gestimuleerd. Dit ook om te voorkomen dat deze kinderen geïsoleerd raken in onze maatschappij.

Prof. dr. Dick Swaab heeft al veel gepubliceerd in zijn leven en veel onderzoek gedaan. Als we aan hem vragen wat hem in zijn lange carrière het meest heeft verbaast over het menselijke brein dan is zijn antwoord: ‘de complexiteit’, dat is onbeschrijfelijk en daar begint hij zijn boek ook over: de twee grootste problemen zijn het heelal en het brein, beiden zijn voorlopig niet oplosbaar. We hebben nog veel om te ontdekken en te leren.

Geschreven door Mirjam Baaré