De komst van kunstmatige intelligentie (AI) markeert een nieuwe fase in het onderwijs – en hoogbegaafdenonderwijs vormt daarin geen uitzondering. Tijdens het webinar “AI en onderwijs voor hoogbegaafden” gaven drie prominente experts – Dr. Claire Hughes (Cleveland State University), Dr. Michelle Ronksley-Pavia (Griffith University) en Dr. Tyler Clark (Western Kentucky University) – inzicht in hoe AI momenteel het onderwijslandschap beïnvloedt én hoe leraren hierin een essentiële rol blijven spelen.
AI in het onderwijs: vier perspectieven voor leraren
Dr. Claire Hughes opent het webinar met een krachtige metafoor: het voelt alsof het ‘regent Legosteentjes’ sinds de publieke introductie van AI. Docenten zien de talloze mogelijkheden, maar vaak ontbreekt het aan duidelijke bouwinstructies. Zij schetst vier manieren waarop AI onderwijs raakt:
-
AI als hulpmiddel voor docenten – Denk aan tools voor lesplanning, assessment of feedback.
-
AI als ‘leraar’ – AI die bepaalde taken overneemt of aanvult in instructie en begeleiding.
-
AI-geletterdheid voor leerlingen – Leerlingen moeten begrijpen wat AI is en hoe het werkt.
-
AI-pedagogiek – Leraren hebben ondersteuning nodig om AI als lesonderwerp verantwoord aan te bieden.
Binnen haar lerarenopleiding legt Hughes de nadruk op AI-geletterdheid en ethiek. AI is volgens haar niet enkel een tool, maar een ‘veranderaar van betekenis’. Ze roept leraren op om leerlingen niet alleen sneller of slimmer te maken, maar hen vooral te leren reflecteren, synthetiseren en systemisch te denken. “Hoogbegaafde kinderen zijn niet alleen de leiders van morgen, maar ook betekenisgevers van een veranderende wereld,” aldus Hughes.
Kleine experimenten, grote impact
Dr. Michelle Ronksley-Pavia deelt diverse kleinschalige experimenten die ze uitvoerde met generatieve AI (zoals Claude en ChatGPT). Ze gebruikt AI als “cognitieve partner” voor creatief denken. In één project vroeg ze AI 101 alternatieve toepassingen voor een hamer te bedenken, buiten de standaardfunctie. Aanvankelijk kwamen er weinig verrassende ideeën, maar door AI te blijven prikkelen en tegen te spreken, ontstonden creatieve invalshoeken zoals “avant-garde kunstinstallaties” en “biomechanische theorieën over hameren”.
In een ander experiment (“Project Zepha”) daagde ze AI uit een fictieve wereld rond menselijke vlucht te bedenken. De cross-disciplinaire output die ontstond – van kwantumfysica tot cognitieve vaardigheden – illustreert volgens haar hoe AI creatieve vonken kan ontketenen bij hoogbegaafde leerlingen. Wel benadrukt ze dat AI’s eerste output zelden voldoende is. “Je moet AI blijven pushen.”
AI als oefenruimte voor differentiëren
Zowel Ronksley-Pavia als Clark bespreken het potentieel van AI voor differentiatie. Ronksley-Pavia ontwikkelde gesynthetiseerde profielen van dubbel bijzondere (2e) leerlingen, waarmee ze AI vroeg gepersonaliseerde leerstrategieën te genereren. Twee van de drie gebruikte systemen leverden waardevolle suggesties op voor inhoudelijke differentiatie en leeromgevingen – maar faalden in sociaal-emotionele ondersteuning en acceleratie. Ze concludeert dat AI een goede ‘oefenruimte’ biedt voor leraren om lesideeën vooraf te testen, zonder direct in de klas te experimenteren.
Clark onderzocht of AI in staat is vragen te genereren die passen bij verschillende niveaus van Bloom’s Taxonomie. AI presteerde daarin verrassend goed, vooral op lagere denkniveaus. Toch blijkt ook hier dat het menselijk beoordelingsvermogen onmisbaar blijft, zeker bij complexere leerdoelen.
Kritische kanttekeningen: bias, creativiteit en menselijke oordeelskracht
De sprekers benadrukken dat AI ook risico’s met zich meebrengt. Zowel Clark als Ronksley-Pavia geven voorbeelden van vooroordelen (bias) in AI, bijvoorbeeld in genderrollen bij gegenereerde podcasts. AI streeft vaak naar het gemiddelde, waarschuwt Clark, wat een gevaar vormt voor creatief en divergent denken – een kernaspect van hoogbegaafdheid.
Ook waarschuwen zij voor het gemak waarmee leerlingen AI als antwoordmachine kunnen gebruiken, zonder zelf na te denken. Dit vergt bewustwording bij ouders en scholen. Niet het verbieden, maar het begeleiden van verantwoord gebruik is essentieel.
Praktische tips voor leraren en onderwijsprofessionals
Gebaseerd op de inzichten uit het webinar:
-
Verken AI stap voor stap – Begin met toegankelijke AI-tools (zoals ChatGPT of Claude) en leer door te ‘tinkeren’.
-
Integreer AI-geletterdheid – Bespreek met leerlingen wat AI is, hoe het werkt en waar ethische grenzen liggen.
-
Gebruik AI als denkhulp, niet als vervanger – Laat leerlingen AI gebruiken voor brainstorms, maar train hen ook in kritisch evalueren van de output.
-
Experimenteer met gesimuleerde leerprofielen – Gebruik AI als ‘pedagogische proeftuin’ om strategieën voor begaafde leerlingen te testen.
-
Stimuleer systemisch en historisch denken – Leerlingen moeten begrijpen hoe technologie de samenleving verandert, en hun rol daarin herkennen.
Tot slot
Kunstmatige intelligentie biedt ongekende mogelijkheden voor hoogbegaafdenonderwijs. Maar de sleutel ligt bij de leraar. Niet in snelle antwoorden, maar in het begeleiden van leerlingen om betekenis te geven, verbanden te leggen en hun menselijkheid te behouden in een steeds technologischer wereld.